allesoverhoop.nl

Lees hoe jet wil lezen: alles overhoop of alles over hoop. Het gaat over de rijksoverheid die zo vast zit in wet- en regelgeving dat ze amper nog kan reageren, laat staan inspelen op zaken waar burgers mee bezig zijn. Dat moet anders kunnen maar daarvoor moet wel alles overhoop. Het zal niet toevallig zijn dat hier een naamgenoot aan verbonden is: Renate Beckers. Wat ze wil: een overheid die zo flexibel is dat ze in een tijd van hypercommunicatie nooit meer hoeft te reorganiseren. Zie verderop het visiedocument.

Zie ook Menno Lanting’s Disruptie in de overheid. In dit boek spitst Lanting zijn inzichten over de zin en onzin van disruptie toe op de overheid. Aan de hand van herkenbare voorbeelden en cases geeft hij praktische handvatten en advies over hoe de publieke en semipublieke sector zichzelf op grote en op kleine schaal kunnen vernieuwen. Zo maken onder andere virtual reality, de blockchain en kunstmatige intelligentie meer mogelijk dan we ons kunnen voorstellen. Maar één ding, zolang de basis niet voldoende op orde is heeft het weinig nut disruptie na te streven.

Visiedocument alles over hoop

De overheid in een tijd van hyperconnectiviteit Over het waarom van Interdepartementale StratLabs. Door moderne techniek was het voor mensen nog nooit makkelijker om connectie met elkaar te maken. Desalniettemin wordt er
tegenwoordig vaak gesproken over allerlei kloven in de
samenleving: tussen arm en rijk, hoog- en laagopgeleid en tussen
groepen met verschillende politieke voorkeuren, religies en etnische
achtergronden.
De moderne paradox lijkt dat technische hyperconnectiviteit
wezenlijke verbinding tussen overheid en burger en burgers
onderling soms eerder beschadigt dan bestendigt.
Waar is het misgegaan? Ooit leek het dienen van het publieke
belang namelijk het grote ideaal van disruptieve dienstverleners.
Toen platforms als Facebook, Google, Twitter en Amazon ongeveer
tien jaar geleden de digitale revolutie tot een hoogtepunt brachten,
ging dat gepaard met utopische toekomstbeelden. ‘Waarom zou er
niet een veilige open samenleving mogelijk zijn zonder overheden
en democratische instituties? Dat was de onderliggende
libertarische droom. Ieder voor zich en technologie voor ons allen.
Maar de afgelopen jaren werd de schaduwkant van
hyperconnectiviteit pijnlijk duidelijk: cybercriminaliteit en
cyberwapens die kritieke infrastructuren platleggen, hacks en
manipulatie van verkiezingen door middel van fake news en
zoekalgoritmes die concurrentievervalsend werken.
Wat betekenen deze ontwikkelingen voor overheden? Allereerst
staan zij voor een reguleringsvraagstuk dat zijn weerga niet kent.
Hoe creëer je namelijk een level playing field in cyberspace, een vrij,
open domein dat grenzeloos is? En hiermee samenhangend: hoe
kan technologische innovatie in plaats van enkel private belangen
ook het publieke belang dienen? Deze vraagstukken zijn per definitie
internationaal, maar ze vragen om een voortrekkersrol van
overheden op stedelijk, regionaal en nationale niveau. Het is aan
hen om als hoeders van het publieke belang visie, lef en daadkracht
te tonen. In dit visiedocument stellen we voor dat Nederland hierin
een belangrijke positie inneemt.
Dat begint nationaal en praktisch. Hiertoe stellen we voor om het
Stratlab op te richten, een plek waar geëngageerde en talentvolle
Nederlanders van binnen en buiten de overheid samenwerken om
innovatieve overheidsdienstverlening vorm te geven. Het Stratlab
zal interdepartementele vraagstukken oppakken, bestaande
(bureacratische) obstakels wegnemen en nieuwe
grensoverschrijdende werkwijzen ontwikkelen. Een vanzelfsprekend
en belangrijk bijproduct is dat het Stratlab visie ontwikkeld op hoe
de overheid met kracht haar verantwoordelijkheid kan nemen in
een hyperconnectieve samenleving.

2018
Het Stratlab is geen luxe maar noodzaak. Om dit te onderstrepen
kunnen we een historische parallel trekken. Een van Nederlands
internationaal meest bejubelde innovaties is onze waterwerken. De
publiek-private samenwerking van de Nederlandse overheid met
baggerbedrijven als Van Oord en Boskalis leidde destijds tot de
Deltawerken die Nederland veiligstelden van het water.
75 jaar later staan we als samenleving voor een nieuwe minstens
even grote uitdaging die, ironisch genoeg, ook mede voortkomt uit
de zee. Badplaatsen als Katwijk, Egmond, IJmuiden en Zandvoort zijn
namelijk grote cyberhavens waar over de zeebodem tal van
datakabels ons land binnenkomen die van cruciaal belang zijn voor
Nederland en de rest van Europa.
Wie zorgt ervoor dat alle technologie die gebruikmaakt van deze
infrastructuur het publiek belang dient in plaats van schaadt? Er is
één aangewezen partij die hierin regie moet tonen en dat is de
overheid.
Van penicilline tot röntgenstraling, de geschiedenis is vol van
cruciale uitvindingen die vaak toevallig werden gedaan door
wetenschappers met een creatieve en open geest.
Zo ook is de onderliggende filosofie van het Stratlab dat
fundamentele overheidsinnovatie vooral vraagt om bevlogen en
geëngageerde mensen die open staan voor serendipiteit: cruciale
inzichten die zich min of meer toevallig opdringen als je op
onderzoek uitgaat.
Juist omdat de uitdagingen die deze tijd van hyperconnectiviteit
biedt zo groot en complex zijn, bestaat het gevaar dat de overheid
niks doet omdat ‘niemand het overzicht heeft’. Het Stratlab
ondervangt dit door actie centraal te stellen. Door zich allereerst op
concrete, praktische vraagstukken te richten zullen snel resultaten
geboekt worden die overheidsbreed inzichten, werkvormen en
inspiratie bieden.
Uit alle input vanuit de verschillende departementen voor het
Stratlab, die hebben geleid tot dit visiedocument, was één rode
draad te destilleren: er is een plek nodig waar het belang van de
burger directer, responsiever wordt opgepakt dan nu het geval is.
‘De overheid van de toekomst’ moet vandaag beginnen, dat is het
gedeelde besef. Het Stratlab neemt hier, in nauwe verbinding met
alle departementen, een pioniersrol in.
Interdepartementale vraagstukken grensoverschrijdend
aangepakt
Wat zijn de eerste sprints die het Stratlab kan trekken? Ter
inventarisatie hiervoor hebben we vanuit de verschillende
departementen vraagstukken ontvangen die vragen om een
overheidsbrede aanpak . Of het nu gaat om schuldhulpverlening aan

2018
jongeren (Fin), een meer directe inspraak van burgers -het
zogenaamde ‘right tot challenge’ (JenV)- of het terugdringen van
regeldruk voor mensen met een beperking (VWS), succesvolle
oplossingen vragen om een grensoverschrijdende manier van
denken.
Om te bepalen hoe het Stratlab aan deze vraagstukken kan werken,
loont het om te kijken hoe disruptieve start-ups er in slagen om
grote gevestigde partijen te beconcurreren, Een belangrijke
succesfactor voor hun innovatiekracht is hun onafhankelijkheid van
wat legacy wordt genoemd, de verouderde IT-systemen en
bijbehorende manieren van denken en werken. Door in plaats
daarvan te programmeren met een schone lei, zijn start-ups in staat
om nieuwe platforms te ontwerpen die doelgericht en efficiënt een
nieuwe dienst leveren.
Overheden die hun medewerkers net als in een start-up, de vrijheid
bieden om buiten gebaande kaders, systemen en de bureaucratie te
opereren, kunnen zo hun eigen dienstverlening ‘disruptief’
innoveren. Een mooi voorbeeld is Singapore’s GovTech, het
overheids innovatielab dat ertoe heeft bijgedragen dat Singapore
volgens het World Economic Forum de afgelopen twee jaar nummer
één scoorde op het gebied van overheidsinnovatie met de grootste
sociaal-economische impact. De projecten die GovTech uitvoert
variëren van het programmeren van drones om overheidsgebouwen
te inspecteren, tot het ontwikkelen van een app die medische
professionals alarmeert als iemand op straat een hartaanval krijgt.
Een ander goed internationaal voorbeeld is hoe de Britse overheid
2000 overheidswebsites integreerde tot één overheidsportal. Deze
megaklus leidde tot de GOV.UK-website, die in de pers episch werd
omschreven als ‘one government website to rule them all’. GOV.UK
won prestigieuze designprijzen en geldt wereldwijd als een
voorbeeld voor klantgerichte overheidsdienstverlening.
Dichterbij huis werken uitvoeringsinstanties als de DUO en de SVB
aan optimalisering van hun dienstverlening aan burgers.De DUO
won hiervoorde Gouden Oor Award 2017, een vakprijs voor de
organisatie die het best omgaat met klantfeedback. In het
bedrijfsleven noemt men deze aanpak ‘het in kaart brengen van de
customer journey’ en in voorafgaande jaren werd de prijs gewonnen
door bedrijven als KLM, Eneco en Philips. Maar de ‘customer
journeys’ uit het bedrijfsleven werden dit jaar dus voorbijgestreefd
door een overheidsorganisatie met een perfecte citizen journey.
De SVB richtte een eigen innovatielab op genaamd NOVUM die
volgens de agile principes van startups in snelle sprints tot
zogenaamde minimal viable products, uitgewerkte concepten die
direct werkend te testen zijn. Zo werd onder andere een chatbot
ontwikkeld die vragen over kinderbijslag beantwoord, wordt er
gewerkt aan een digitaal studenten paspoort (StuPa) en is een

2018
wizard in de maak om burgers te helpen hun persoonsgebonden
budget eenvoudiger te beheren.
De werkwijzes van GovTech, GOV.UK, DUO en NOVUM tonen aan
hoe ambitieuze, talentvolle overheidsmedewerkers in
samenwerking met experts van buiten de overheid succesvol
overheidsdienstverlening kunnen innoveren. Wat betreft de
werkwijze hoeft het Stratlab het wiel dus niet uit te vinden en kan
zijn net als bovenstaande voorbeelden als een start-up binnen de
overheid in korte designsprints concrete producten op leveren.
Falen onderweg naar succes
Bij alle departementen staan waarden als zorgvuldigheid en
degelijkheid hoog in het vaandel. Logisch, want dit leidt tot een
betrouwbare overheid, maar het nadeel is dat een risicomijdende
cultuur in de hand wordt gewerkt. Het Stratlab ondervangt dit
dilemma door een plek te bieden waar ‘veilig’ én snel gefaald kan
worden. Door nieuwe ideeën zo ongeremd mogelijk de ruimte te
bieden kan sneller dan in de huidige institutionele context worden
bekeken of verdere uitwerking gewenst is of niet.
Deze werkwijze is afgekeken bij IT-Startups en heet ook wel rapid
prototyping. Dit houdt in dat concepten zo snel mogelijk worden
uitgewerkt tot werkende oplossingen en er dan pas kritisch wordt
gekeken naar wat beter kan. Belangrijk hierbij is dat samenwerking
gebeurt in multidisciplinaire teams die open source met elkaar
samenwerken. Doordat er in de teams een brede kennis aanwezig is
en weinig hiërarchie, wordt creativiteit en constructieve feedback
vanzelf gestimuleerd. In Singapore bijvoorbeeld, beschikt het
GovTech innovatielab over een team van 150 techneuten die zich
bezighouden met nieuwe technologieën als blockchain, kunstmatige
intelligentie, data-analyse en robotica. Deze experts worden per
project in een team geplaatst met beleidsambtenaren om zo samen
buiten de bestaande kaders, de legacy van de overheid, te zoeken
naar oplossingen.
Hoewel de nieuwste technologieën een belangrijke rol zullen spelen
binnen het Stratlab is sociale innovatie minstens zo belangrijk. De
jaarlijkse concurrentie- en innovatiemonitor van de Erasmus
Universiteit onderstreept het belang van deze zachte kant van
innovatie. In Nederland trokken investeringen in technologische
innovatie in 2017 weliswaar flink aan, maar wat achterbleef is de
investering in sociale innovatie, in eigen medewerkers. Daarom is
het essentieel dat medewerkers van het Stratlab voldoende tijd en
middelen ter beschikking hebben om (internationale)
netwerkverbanden aan te gaan met andere overheden en om
publiek-privatesamenwerkingen op te zoeken. Zo versterkt iedere
medewerker binnen het Stratlab zijn of haar eigen innovatiekracht,
worden nieuwe werkwijzen ontdekt en wordt visie ontwikkeld op
innovatiebeleid.

2018
Bij Google kwam men tot het inzicht dat meer dan 70 procent van
de fundamentele innovatieprojecten, zogenaamde Moonshots,
mislukte. Ondanks dit schrikbarend hoge percentage, werd niet
getracht deze naar beneden te brengen. In plaats daarvan werd dit
‘falen’ omarmd met de mantra ‘Fail fast, fail often!’ De overtuiging
van Google is namelijk dat als je getalenteerde mensen met grote
ambities snel en vaak laat falen, succes zich vanzelf zal aandienen..
In lijn met deze filosofie die zich bij Google en andere grote
techbedrijven heeft bewezen, moet het Stratlab een ontspannende
werkplek zijn waar snel en vaak gefaald wordt. Dat is de enige weg
naar innovatieve overheidsdienstverlening.
De overheid als publiek platform
De contouren van het ‘wat’ en ‘hoe’ van het Stratlab zijn hierboven
geschetst. Maar het helder formuleren van het ‘waarom’ van het
Stratlab is wat uiteindelijk bepalend zal zijn voor duurzaam succes.
Aan welk groter verhaal werken we als overheid met het Stratlab?
Waar overheden eeuwenlang een grote aandeel hadden in de bouw,
beheer en onderhoud van fysieke infrastructuren voor burgers, is
hun aandeel in de huidige platformeconomie zeer beperkt. In de
huidige netwerksamenleving zijn burgers en bedrijven afhankelijk
geraakt van platforms van grote techbedrijven die goedkoop,
intuïtief en stabiel functioneren. Deze private platforms vervullen
inmiddels belangrijke publieke functies. Ze zijn de digitale open
ruimte waarop burgers elkaar ontmoeten, waar democratische
debatten plaatsvinden en waar kennis open wordt uitgewisseld.
Maar als er in die ruimte democratische beginselen worden
geschonden, waar kan de gebruiker dan verhaal halen?
José van Dijck, hoogleraar mediawetenschappen en president van
de KNAW, waarschuwt in haar boek ‘De platformsamenleving’ voor
de idylle van zelfregulering van de grote technologieplatforms. Deze
platforms organiseren zich rond private belangen en het is naïef te
denken dat zij zonder meer verantwoordelijkheid nemen voor het
publieke belang. Daarom zou de overheid zich hard moeten maken
voor het bieden van democratische alternatieven voor de burger.
Laten we bijvoorbeeld als samenleving online identificatie over aan
Facebook of Google? Of moeten overheden de handen ineenslaan
om burgers een veilige online identificatie te bieden, net als dat zij
dat analoog met paspoorten doen? In Estland is hier reeds een
werkend systeem voor ontwikkeld en ook in Zweden wordt hier
door overheid, banksector en burgerorganisaties aan gewerkt.
Goed bekeken is de overheid niets anders dan een platform waarop
democratische uitwisselingen plaatsvinden tussen overheid en
burger, en die uitwisselingen worden beschermd door de rechtstaat.
Juist nu in toenemende mate duidelijk wordt dat de private platform
aanbieders niet in staat zijn zichzelf goed te reguleren en zij niet
democratisch ter verantwoording kunnen worden geroepen is het

2018
de hoogste tijd voor de overheid om regulerend op te treden en
proactief mee te bouwen aan de publieke digitale infrastructuur.
‘De terugtrekkende overheid’ is inmiddels een sleetse term die voor
velen de onmachtige positie van de overheid beschrijft ten opzichte
van de moderne netwerksamenleving.
Het Stratlab breekt hiermee en moet vormgeven aan een overheid
die weer oprukt omdat het belang van burgers in de huidige
platformeconomie in het geding is. Medewerkers van het Stratlab
dienen zich te beseffen dat elke lijn code die zij programmeren ook
een vorm van codificatie is, een vastlegging van een bepaalde ethiek
in een digitale ‘wet’. Zo biedt een een technologie als blockchain nu
de kans om publieke waarden veilig en transparant te codificeren.
Kortom, de overheid heeft met de huidige technologische
mogelijkheden de unieke kans om zichzelf opnieuw uit te vinden.
Voor een fractie van de kosten van ‘analoge’ infrastructurele
projecten, kan worden gebouwd aan de overheid als krachtig
publiek platform voor de toekomst. Dat is de kans die voor ons ligt.


Bron: http://bit.ly/2O5IetX

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.