Vanaf nu wordt alles beter

Robert Putnam, een prominente Amerikaanse intellectueel, was vaak somber over zijn land. Te somber, denkt hij nu. Waarom is Trump niet dieptepunt én keerpunt?

Door Jurre van den Berg, 30 november 2019

Robert Putnam put hoop uit het begin van de 20ste eeuw: toen werden problemen die voortkwamen uit industrialisering en immigratie aangepakt.

Nog geen 48 uur geleden, vlak voordat hij in het vliegtuig naar Nederland stapte om in Maastricht een lezing te geven, schreef Robert Putnam het laatste woord van zijn nieuwe boek. ‘Ik ben er nog helemaal vol van’, verklaart hij opgewonden met rode wangen. Een van Amerika’s meest invloedrijke publieke intellectuelen is inmiddels bijna 79, maar zijn jongensachtige branie is slijtvast. ‘Toch zal dit mijn laatste boek zijn. Ik word te oud.’

Putnam wil niet in mineur eindigen. ‘Mijn werk heeft de afgelopen 25 jaar in het teken gestaan van neergang’, bekent hij. In Bowling Alone (2000) staafde de Harvard-hoogleraar politicologie de teloorgang van de sociale samenhang (‘het sociaal kapitaal’) in de VS. Zelfs bowlen, een gezelschapssport bij uitstek, doen Amerikanen tegenwoordig alleen, was het iconische beeld.

Voor Our Kids (2015) keerde de man die de presidenten Clinton, Bush en Obama adviseerde terug naar zijn geboorteplaats Port Clinton, Ohio. Hadden zijn generatiegenoten en hijzelf nog in grote meerderheid hun ouders overtroffen, nu zag hij dat de sociale ladder beklimmen allesbehalve vanzelfsprekend is. De kansenongelijkheid tussen kinderen van arme en kinderen van rijke ouders neemt enkel toe. Op zijn geboortegrond droeg Putnam de Amerikaanse Droom ten grave.

Er werd rond 1900 een wissel omgezet, door voornamelijk jonge mensen. Daarom moeten we ons nu afvragen: wat deden zij om Amerika weer op de rails te krijgen?

En toen moest Donald Trump nog verkozen worden. ‘De apotheose van ik-heid’, noemde Putnam zijn president eerder. Maar behalve een dieptepunt ziet hij in Trump ook een keerpunt voor de Amerikaanse samenleving. ‘Zoals een zwemmer, die aan het einde van de baan de rand van het bad raakt en omdraait.’

The Upswing – ‘De opleving’ – is dan ook de titel van het meest optimistische boek in zijn oeuvre, het slotstuk dat volgend jaar moet verschijnen. Want één ding weet Putnam zeker: the only way is up.

In een vergaderzaaltje van de Universiteit van Maastricht pakt hij de flip-over en tekent met stift een lijn. Linksonder op de x-as schrijft hij het jaartal 1900, rechtsonder 2020. Dan tekent hij een halve cirkel als een ondergaande zon.

‘Weet je wat dit is? De eeuwtrend in inkomensgelijkheid. Heel ongelijk, steeds meer gelijk, weer heel ongelijk.’ Dan tekent hij een nieuwe lijn, precies de vorige volgend. ‘Dit is de mate van sociale verbondenheid.’ Weer eenzelfde lijn: politieke depolarisatie. Tot slot: collectivisme. ‘Allemaal dezelfde grafiek.’

We werd me

De eerste helft van de 20ste eeuw, stelt Putnam, was er op alle fronten sprake van een stijgende lijn. Het punt waarop in de grafieken het verval inzet, is steeds min of meer hetzelfde: zo ergens eind jaren zestig. We werd me. ‘Neem dat liedje van The Beatles: I Me Mine. En een paar jaar eerder hadden ze het nog over all you need is love.’

De ‘I-We-I-curve’, noemt Putnam de trend. Wat precies oorzaak is en wat gevolg, hij durft het niet te zeggen. Wel blijkt uit analyses dat het niet begon met economische ongelijkheid. ‘Het is als met een zwerm vogels. Ze vliegen samen, maar je weet niet wie de eerste was.’

Misschien, grapt Putnam, is hij hoogstpersoonlijk verantwoordelijk voor het ineenstorten van de Amerikaanse beschaving. ‘In 1964 mocht ik voor het eerst stemmen.’ Toch is niet de jaren zestig, maar de periode rond 1900 de belangrijkste in deze grafiek.

‘Ik ben in mijn eerdere werk blijven plakken bij de verkeerde helft van de eeuw, de tweede dus, toen bijna alles minder werd. Maar als je uitzoomt en het hele plaatje beschouwt, zie je dat daaraan een voorspoedige periode voorafging.’

1900 was het keerpunt na het tijdsgewricht dat wordt aangeduid als Gilded Age (het ‘vergulden tijdperk’), de hoogtijdagen van grote industriëlen als de Rockefellers en Ford. ‘De rijken woonden in kasten van huizen in Upper Side Manhattan en gaven obscene feesten. Amper 15 kilometer verderop leefden arbeiders, hoofdzakelijk immigranten, in bittere armoede, als slaven haast.’

De politieke partijen waren destijds als vijandige stammen, ze werkten niet samen en waren niet bezig wezenlijke problemen op te lossen. Maatschappelijk was het ieder voor zich, de cultuur was narcistisch. ‘In kunst en religie draaide alles om ‘ik’, om eigen verlossing: gaat god mij redden?’

Het punt dat Putnam wil maken: ‘Er zijn opvallende parallellen tussen het hedendaagse Amerika en het Amerika van toen. En we hebben ook nog de geweldigste president ooit verkozen. De ongelijkheid, de sociale fragmentatie, de politieke polarisatie, het narcisme: Trump is het uitroepteken achter al deze trends. Eigenlijk waren we er nooit zo slecht aan toe als nu.’

Toch put Putnam hoop uit de historische parallel. De Gilded Era lokte een reactie uit: de Progressive Era. Het was een tijdvak begin 20ste eeuw met nieuwe vormen van organisatie en samenwerking. De Rotary werd opgericht, de highschool bedacht en scouting ongekend populair. Een tijdperk van sociaal activisme en politieke hervorming begon.

Problemen die voortkwamen uit industrialisering en immigratie werden aangepakt, net als corruptie. Presidenten als Theodore Roosevelt waren trots op steun uit het andere politieke kamp. De economische ongelijkheid nam af. Langzaam maar zeker veranderde me in we.

Het verklaart de ondertitel van zijn nieuwe boek: How America Came Together a Century Ago and How We Can Do It Again. Want daarover is Putnam optimistisch. ‘Er werd een wissel omgezet, door voornamelijk jonge mensen. Daarom moeten we ons nu afvragen: wat deden zij om Amerika weer op de rails te krijgen? Hoe deed de jeugd het honderd jaar geleden? Welke lessen kunnen de jongeren van nu daaruit leren? We can fix this problem.’

Tegenreactie

Het idee van een scharnierpunt in de geschiedenis presenteert Putnam niet voor het eerst. Het dook in 1991 al op in een opiniestuk van hem in The Washington Post met de titel ‘Waarom Amerika klaar zou kunnen zijn voor een nieuwe Progressive Era’. De Golfoorlog, Reagan – veel erger kon het niet worden, dacht Putnam toen.

Maar een waterscheiding bleef uit. Zelfs Barack Obama kon ondanks zijn mantra ‘Change’ en ‘Yes, we can’ het tij niet keren. Waarom zou dit dan wel het moment zijn voor de grote kentering?

‘De historische overeenkomsten tussen 1900 en nu zijn overweldigend’, zegt Putnam. ‘Trump heeft alle trends verergerd, en daarop is een sterke tegenreactie gekomen. Er is sprake van bijna ongeëvenaarde mobilisatie.’ Niet eerder gingen jongeren zo massaal naar de stembus.

Zijn eigen dochter, Laura Putnam, schrijft over nieuwe grassroots-bewegingen. ‘Lokale bewegingen, van onderaf. Ze wordt in The New York Times vaker aangehaald dan ik.’

Vooral opgeleide witte vrouwen

laten zich volgens Putnam gelden. ‘De moeders en oma’s van Amerika nemen het roer in handen.’

Het kan niettemin wensdenken blijken, erkent Putnam. ‘Ik ben ook geen historische determinist die gelooft dat het noodzakelijk weer zo zal gaan als rond 1900, als een pendule. Misschien gaat die grote ommekeer niet komen. Misschien wordt Trump zelfs herkozen. Maar dit is niet de tijd voor cynisme. Ik wil laten zien dat het anders kan, dat het eerder is gebeurd.’

Beroemd en berucht

Putnam was deze week in Maastricht om in de geest van The Upswing de eerste Jaap Dronkers Lezing te verzorgen. Onderwijssocioloog Dronkers, die in 2016 overleed, trachtte altijd met zijn onderzoeksresultaten het publieke debat te voeden. Ook als het ging om delicate kwesties, zoals de soms tegenvallende kwaliteit van scholen. ‘Dit deed vaak nogal wat stof opwaaien, maar bevestigde ook de publieke rol van de sociale wetenschappen’, aldus het organisatiecomité.

Putnam is uit hetzelfde hout gesneden. Een sociale wetenschapper ben je voor de samenleving, vindt hij. Wie wil begrijpen waar die overtuiging geboren werd, moet terug naar 1961. In de race om het presidentschap nam Richard Nixon het op tegen John F. Kennedy. Tijdens een bijvakcollege politicologie ontmoette de toenmalige natuurkundestudent Putnam zijn vrouw. Een paar maanden later besloten ze per trein vanuit Philadelphia naar Washington te reizen voor een toespraak van Kennedy.

‘Bij het Capitool hoorde ik plots die ene zin: ‘Vraag niet wat het land voor jou kan doen, maar vraag je af wat jij kunt doen voor je land.’ Nu klinkt dat misschien banaal, maar toen was het alsof Kennedy mij persoonlijk toesprak. Op dat moment besloot ik dat ik sociale wetenschapper wilde worden om iets te betekenen voor de publieke zaak.’

Net als Dronkers deed Putnam stof opwaaien met zijn beroepsopvatting. Even beroemd als berucht is E Pluribus Unum (‘Uit velen een’), een lezing die in 2007 als artikel werd gepubliceerd. Daarin concludeert Putnam op basis van statistisch onderzoek dat in etnisch gemengde wijken mensen – ook van dezelfde afkomst – elkaar minder opzoeken en minder vertrouwen. Ze zouden als schildpadden ‘hun kop intrekken’.

‘Die bevinding werd gekaapt en misbruikt’, blikt hij terug. ‘Mijn foto stond pontificaal op de website van de Ku Klux Klan. Als eerbetoon, omdat ik het failliet van de multiculturele samenleving zou hebben bewezen.’

Hij raakte ook tegen zijn zin betrokken bij een rechtszaak. Twee witte studenten die niet werden toegelaten tot de universiteit van Texas verzetten zich juridisch tegen het toelatingsbeleid van de universiteit, dat ten gunste zou zijn van etnische minderheden. Ze beriepen zich daarbij op Putnams werk.

Putnam voelde zich daardoor gedwongen zich te verdedigen tegenover het Hoger Gerechtshof. Zijn wetenschappelijke werk was ‘verdraaid en misbruikt’, stelden zijn advocaten. De conclusie van het artikel had moeten zijn dat diversiteit juist goed is voor hoger onderwijs.

Koorddans

Over de statistische geldigheid van zijn conclusies plaatste Putnam al in zijn artikel kanttekeningen. Inmiddels is er een boekenkast vol over geschreven. De stelling is betwist, al kwam de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid vorig jaar op basis van onderzoek in Nederland in het rapport De nieuwe verscheidenheid tot vergelijkbare conclusies als Putnam.

Bij herlezing valt op dat Putnam een lans breekt voor tolerantie en de merites van diversiteit op langere termijn bewierookt. ‘Mijn dochter is getrouwd met een Costa Ricaan’, zegt hij nu. ‘Mijn kleindochter is nu 25 jaar. Als zij zo oud is als ik, denk ik dat zij niet meer als een latino wordt gezien. Amerika is altijd aan verandering onderhevig geweest. We hebben ons ‘wij’ altijd opnieuw gedefinieerd.’

Toch wordt Putnam ook in Nederland nog vaak van stal gehaald als de ‘professor die wetenschappelijk heeft aangetoond dat diversiteit slecht is’. Desondanks heeft hij geen spijt van de publicatie van het gewraakte artikel. ‘Ik houd niet van gedoe, maar volgens mij heb ik in dat artikel iets heel wezenlijks aangeroerd, dat toen politiek nog te gevoelig lag.’

De kwestie illustreert de koorddans van de wetenschapper in het publieke domein. ‘Ik wil niet dat mensen naar mij luisteren omdat ik mooie verhalen vertel of omdat ik hen om ideologische redenen beval. Ik wil dat mensen naar mij luisteren omdat ik mijn verhaal op feiten baseer en serieus wordt genomen door collega-wetenschappers.

‘Maar mijn land staat er slecht voor. En zoals het citaat van Karl Marx luidt, dat op zijn graf op Highgate Cemetery in Londen staat: ‘Filosofen hebben de wereld slechts verschillend geïnterpreteerd; het komt erop aan haar te veranderen.’

Bron: de Volkskrant.

Hoe de kloof tussen arm en rijk dieper werd in de VS

Amerika is in drie decennia ingrijpend veranderd. Het vrijemarktevangelie heeft volgens George Packer meer vrijheid, maar ook grotere ongelijkheid gebracht.

Door Eelco Bosch van Rosenthal, 10 september 2016.

Beeld Joakim Eskildsen

Het kost George Packer moeite fysieke walging te onderdrukken als we hem vragen naar zijn trip naar Washington – hij komt zojuist uit de trein.

‘Het is er zo corrupt. En het is rijk, weet je wel hoe rijk het is? Hoeveel geweldige hotels en restaurants je er hebt? En hoeveel McMansions, als je even in de suburbs gaat kijken? Waar komt al dat geld vandaan, denk je? Het is belastinggeld en het is lobbygeld. Een voormalige senator van Ohio vertelde mij eens dat hij zeker de helft van zijn vrije tijd besteedde aan het binnen harken van geld. En dat was dus vrije tijd. De hele dag aan de telefoon hangen, smekend om dollars. Washington is corrupt. Hartstikke corrupt. Er wordt schaamteloos gegraaid door de politieke en zakelijke elite. En dit is het jaar geworden waarin de bevolking dat niet langer pikt.’

De week voor ons gesprek in een fraaie brownstone in Brooklyn was George Packer nog in Afghanistan, waar hij werkte aan een portret van president Ashraf Ghani voor The New Yorker, het tijdschrift waar Packer in 2003 in dienst trad. In datzelfde jaar denderde het Amerikaanse leger Irak binnen – daarover schreef hij een bejubeld boek, The Assassins’ Gate. Zijn grootste succes, The Unwinding (2013), waarmee hij een National Book Award won, gaat over een andere tragedie. Hij laat erin zien hoe de Amerikaanse samenleving de afgelopen decennia langzaam uit elkaar viel, en de Amerikanen hun zekerheden kwijtraakten.

Packer schetst de veranderingen in de Amerikaanse samenleving tussen het aantreden van Ronald Reagan en dat van Obama. Sleutelwoorden: lagere belastingen, minder toezicht, deregulering van Wall Street, inhalige politici en een bevolking die te lang vertrouwde op de goede afloop. The Unwinding is een meeslepend boek over winnaars en verliezers, dat drie jaar na het verschijnen leest als een vooraankondiging van de huidige kiezersrevolte. Niet dat The Unwinding bevolkt wordt door de boze, laagopgeleide onderklasse die nu de kern van het electoraat van Trump vormt – helemaal niet. Maar Packers boek laat wel zien hoe het wantrouwen ontstond tegen een elite die de democratie uitleverde aan special interests.

‘Dit zijn de verkiezingen waarop ik gewacht heb. In Amerika hebben mensen een ongelooflijk geduld met vooruitgang. Ze wachten tot dingen beter worden, ze zijn echt bereid om te wachten. 2008 was een economisch rampjaar, ik dacht destijds echt dat dat een revolutionair jaar zou worden. Maar het enige revolutionaire dat jaar was de verkiezing van een zwarte president. Je had de Tea Party, maar het hoogtepunt wilde maar niet komen. Sarah Palin was al wel een teken aan de wand, zij was een vroege versie van Trump. Maar dit jaar hebben we Trump zelf. En we zien diezelfde kiezersonvrede op links. Clinton is komen bovendrijven als kandidaat, maar de energie zat bij de aanhang van Bernie Sanders, haar tegenstander.’

George Packer is schrijver en journalist. Beeld Hollandse Hoogte

Trump en Sanders bekritiseren allebei op hun eigen wijze de rol die geld speelt in de Amerikaanse politiek. Die was altijd al groot, maar in 2010 zette het Hooggerechtshof de poort wijd open voor beïnvloeding van de politiek. Na de Citizens United-uitspraak mogen bedrijven ongelimiteerd geld aan politieke campagnes geven.

‘Het is rampzalig geweest. Geld in de politiek is meer dan een gevaar, het is het bloed van het systeem. Het is eenvoudig: als grote bedrijven zich tegen een wetsvoorstel keren, dan wordt dat voorstel geen wet. Echt, in 99 procent van de gevallen gaat het zo. Het gebeurt gewoon niet, wetgeving kun je afkopen. In de nasleep van Citizens United werden pogingen ondernomen om in elk geval de naam van de donoren voortaan te openbaren – wie geeft aan wie? Zo’n 80 procent van de bevolking was daar voor. Het gebeurde niet.’

Toch zag je bij Republikeinse voorverkiezingen dat geld niet zaligmakend is. Iemand als Bush had veel meer te besteden dan Trump, maar won niet.

‘Maar het is ook niet zo dat een baan per se te koop is. Dat is het grote misverstand: als het over geld en politiek gaat, beperken we ons vaak tot het prijskaartje dat aan verkiezingen hangt. Maar die verkiezingen zijn slechts het startpunt. De echte invloed van het geld begint pas als de president, of het Congreslid, de senator, de gouverneur, eenmaal gekozen is.’

In The Unwinding wisselt Packer de levensverhalen van een aantal onbekende Amerikanen af met korte hoofdstukken over geslaagde figuren zoals Oprah Winfrey, Colin Powell en Newt Gingrich – een aanpak die Packer afkeek van de beroemde U.S.A.-trilogie van John Dos Passos uit de jaren dertig. Onder de winnaars in Packers portrettenreeks is de steenrijke Peter Thiel, mede-oprichter van PayPal en een van de markantste figuren in Silicon Valley. Afgelopen zomer was Thiel een van de prominente sprekers op de Republikeinse Conventie in Cleveland. Met Trump deelt hij – behalve een riant banksaldo – een afkeer van het bestaande politieke bestel en een ambitie om Amerika economisch weer ‘groot’ te maken. Maar Thiel geldt ook als de voortrekker van een groeiende groep libertijnen in Silicon Valley: wars van elke overheidsregulering, de gemeenschap zorgt voor zichzelf – Thiel heeft bijna darwinistische opvattingen over economische vooruitgang.

Voor de serie Droomland Amerika trokken we het afgelopen jaar in Silicon Valley een paar dagen op met Noah Standridge. Het slechte nieuws kwam voor hem van alle kanten: hij raakte zijn baan aan Stanford University kwijt, een oncoloog constateerde darmkanker en hij dreigde zijn huurhuis kwijt te raken aan projectontwikkelaars die appartementen voor de tech-sector wilden bouwen. Noah had een vrouw en vijf kinderen. Nergens in Amerika zijn de inkomensverschillen zo groot als in Silicon Valley – een verontrustend gegeven dat de Standridge-familie uiteindelijk wel een reddingsboei bood. Via de crowdfundingsite Generosity.com (ook een product van Silicon Valley) haalde het gezin in twaalf maanden tijd ruim 43 duizend dollar binnen. Bijna driehonderd mensen doneerden. De buurt bracht voedsel, de kerk hielp zoeken naar goedkope woonruimte. Filantropie hield het gezin een poos op de been. Voilà, zou Peter Thiel zeggen.

Beeld Hollandse Hoogte

U groeide op in Silicon Valley, hoe was uw jeugd daar?

‘Het was een geweldige plek om op te groeien. Iedereen ging naar de openbare school. De mensen hadden wel geld, maar niet heel veel. Er was armoede, maar niet heel veel. Er was een baan voor elke schoolverlater. Je volksvertegenwoordiger deed zijn best voor je. Amerika was één land, veel meer dan nu. Mensen aten hetzelfde, ze keken naar dezelfde televisieprogramma’s. Er was één anchorman, Walter Cronkite, en één opinieblad, Time Magazine. Het weefsel van de samenleving was nog intact. Het was conformistisch, een tikje saai. Een middenklasseleven zonder grote ups en downs.

‘Tijdens de research voor mijn boek ging ik voor het eerst voor langere tijd terug. Ik schrok me kapot. De prestatiedruk is enorm. Iedereen wil naar Stanford University, maar lang niet iedereen haalt het. Mijn oude middelbare school kampte met een zelfmoordepidemie. Jongens die voor de trein sprongen omdat ze de druk niet aankonden. In Silicon Valley heb je per se een universitaire graad nodig, anders kun je niet meekomen. De sociale mobiliteit neemt af, het blijkt uit alle cijfers.

‘De mogelijkheid om de sociale ladder te beklimmen hebben we hier altijd gezien als, zeg maar… als het toetje na de niet altijd even smakelijke hoofdmaaltijd van het kapitalisme, dat pittig kan zijn voor sommigen. Wij hadden een economie die mensen veel minder beschermde dan de Europese economieën, maar goed, je had dus altijd dat vooruitzicht: een hogere plaats op de ladder. Maar dat toetje is nu weg.’

Beeld Hollandse Hoogte

Mensen zeggen dat hun kinderen straks slechter af zijn dan zijzelf. Die somberheid is uniek.

‘En helaas hebben ze in de meeste gevallen gelijk. Vroeger bij mij op school zaten een paar beroerde studenten, ze letten nooit op, maar ze wisten dat er uiteindelijk een baan voor ze zou zijn. Die garantie hebben de nieuwe generaties niet. En hun kinderen al helemaal niet.’

Wij filmden in de oude staalstad Youngstown, Ohio. Die stad is in een paar decennia honderdduizend inwoners kwijtgeraakt.

‘Het echte Amerika, zeg maar het Amerika tussen beide kusten, heeft een andere aanblik gekregen. Staalfabrieken verhuisden naar Mexico, meubelfabrieken gingen dicht vanwege de Chinese import, textielfabrieken vanwege de toevoer van textiel uit de Cariben. Je kunt bijna geen Main Street meer vinden waar de winkels niet zijn dichtgespijkerd. Er loopt niemand rond op straat. Wie wil shoppen, rijdt de stad uit, naar Walmart. Dat bedrijf heeft elke zelfstandige concurrent met extreem lage prijzen uit de markt gedrukt en het heeft van Amerika ook een lagelonenland gemaakt. Als ik door dit land rijd en ergens doemt een Walmart op, dan denk ik: this place is screwed.’

Waar ging het mis?

‘Deels was het overmacht. Technologische veranderingen, globalisering. Daar had geen Amerikaanse politicus iets aan kunnen doen. Maar daar kwam iets bij. Eind jaren zeventig ontstond er een idee op rechts dat anti-overheid, pro-markt de enige manier was. Een vrijemarktevangelie waar we tot de dag van vandaag last van hebben. Sinds het aantreden van Obama in 2008 is het minder geworden, maar het is twintig, dertig jaar lang de machtigste ideologie geweest en de Democraten deden daar meestal aan mee, denk aan Bill Clinton. De macht van Wall Street in het bedrijfsleven nam alsmaar toe. Het aloude idee dat je tot een overeenkomst moest proberen te komen met eigenaren, arbeiders en regelgevers werd losgelaten. Eigenaars, aandeelhouders, werden de enige stakeholders die ertoe deden.’

Amerika is vrijer geworden, maar minder gelijk.

‘Mannen kunnen met elkaar trouwen, ongetrouwd kinderen krijgen is doodnormaal, noem maar op. Het is een veel toleranter land geworden. Minderheden hebben meer kansen dan toen ik opgroeide, toen had je meer institutioneel racisme. In die zin is Amerika vrijer dan voorheen. Er is meer keuzevrijheid. Bedenk op hoeveel manieren je nu een pakket kunt versturen, je naar muziek kunt luisteren, uit hoeveel restaurants je hier in Brooklyn kunt kiezen vergeleken met twintig jaar terug. Maar dat is Brooklyn. Hier wonen de winnaars. Er is dus meer vrijheid voor diegenen die van die vrijheid profijt kunnen hebben. Maar er is ook meer vrijheid om mensen te ontslaan, om vakbonden te negeren, om minder belasting te betalen. Vrijheid en gelijkheid staan altijd op gespannen voet met elkaar. Maar we hellen nu wel erg over naar de vrijheid. Het is een casinomaatschappij geworden.’

Beeld Hollandse Hoogte

Het is ook een kloof tussen stad en platteland geworden.

‘De steden hebben een enorme comeback gemaakt, zijn weer leefbaar en veiliger. Er is meer te doen, er zijn banen, iedereen met ambities wil naar de stad. Mensen beginnen weer gezinnen in de stad. Maar zoals in zoveel landen bleef het platteland achter. In Amerika zitten de succesnummers aan de kust en in de grote steden. De Democraten zijn de baas in de steden en in de suburbs in staten als Colorado en Virginia. Dat zullen ze nooit meer uit handen geven. De Democratische Partij, ooit de partij van de gewone man, is de partij geworden van de succesvolle urban professional. De Republikeinen zijn er voor de onsuccesvolle working class buiten die steden. De rollen zijn volledig omgedraaid.’

Wat is er nog over van de claim dat Amerika zo’n geweldige democratie is?

‘De verrassingen die blijven komen. Obama was een enorme verrassing. Obamacare was een verrassing. En wat dacht je van Trump: nog zo’n verrassing. De Republikeinen hangen nu al maanden in de touwen, ze hebben nog steeds geen besef van wat er gebeurd is. Ja, racisme en xenofobie vormen een deel van de verklaring van Trumps succes. Maar het is ook een kiezersopstand tegen de Republikeinse elite. Die heeft decennialang gedacht dat ze de kiezers binnenboord konden houden door ze een cultuurstrijd voor te schotelen. White identity politics – de blanke kiezer het idee geven dat hun leefwereld bedreigd werd en alleen bij de Republikeinen in goede handen was. Zolang de kiezer dat slikte, konden de Republikeinen belastingen blijven verlagen en vrijhandelsakkoorden blijven sluiten. Trump heeft die comfortabele positie opgeblazen. En dat is een van de weinige positieve uitwerkingen van Trump.’

Beeld afp

Heeft Obama niets gedaan?

‘Obama reguleerde Wall Street, de manier waarop was verre van perfect, maar er zijn tenminste stappen gezet. Er is iets om op voort te bouwen. Hij zette een agentschap om consumenten te beschermen tegen misleidingen van banken en creditcardmaatschappijen. Het lijken kleine stappen, maar ze zijn belangrijk. Ze helpen bij het voorkomen van nieuwe roekeloze leningen, dezelfde leningen die de kredietcrisis in 2008 in gang zetten.’

Maar mensen bij elkaar brengen, zoals hij beoogde, dat is niet bepaald gelukt.

‘Nee, dat is onbegonnen werk gebleken. Maar Amerika kijkt wel meer in de spiegel. Minderheden zoals homo’s, transgenders, Latino’s voelen zich meer geaccepteerd dan tien jaar geleden. En kijk naar een organisatie als Black Lives Matter. Ja, deels zijn zij teleurgesteld in Obama. Ze hadden gehoopt dat hij grotere stappen zou zetten op het gebied van rassenongelijkheid. Maar Black Lives Matter is ook een bewijs van toegenomen zelfbewustzijn van zwarten. Ze durven zich te laten horen. Dat is ook een gevolg van de verkiezing van Obama.

‘Hetzelfde kan gaan gelden voor de arbeidersbeweging. Kijk naar de strijd die wordt gevoerd om een hoger minimumloon, overal in Amerika. Obama heeft dit soort discussies weer mogelijk gemaakt, de bakens naar links verplaatst. Niet naar uiterst links. Maar bedenk waar we tien jaar geleden stonden onder Bush. Ik durf te beweren dat Bernie Sanders niet zoveel succes geboekt had als Obama er niet geweest was. Links heeft enorm veel zelfvertrouwen getankt sinds Obama er zit.’

Beeld getty

Lyndon Johnson, Franklin Roosevelt, Ronald Reagan brachten grote veranderingen teweeg, enorme koerswijzigingen. Hoort Obama in dat rijtje?

‘Dat moet nog blijken. Obama heeft de aandacht verlegd naar mensen die zich voorheen buitengesloten achtten. Dat is positief, maar het heeft ook negatieve gevolgen. Nu voelen arme plattelandsblanken zich achtergesteld; die gebieden hebben enorme problemen, drugs, depressies, noem maar op. Economische ongelijkheid is onder Obama nauwelijks kleiner geworden.’

Het woord ‘volksopstand’ is dit jaar weleens gevallen. ‘Revolutie’ zelfs.

‘Wij doen niet meer aan revoluties sinds we een land zijn. Voor een land dat zo in beweging is, is er een bewonderenswaardige behoefte aan stabiliteit bij mensen. In de jaren zestig en zeventig verwachtten mensen ook een revolutie. Die kwam er niet. Dingen gaan langzaam. Er is geen hongersnood, er zijn geen massale huisuitzettingen. Ik geloof niet dat we massale onrust gaan zien, wie er in november ook wordt gekozen.’

GEORGE PACKER WINNAARS EN VERLIEZERS IN DE VS

Journalist en schrijver George Packer (56) is zondag te zien in de eerste aflevering van de tv-serie Droomland Amerika (VPRO). Geïnspireerd door zijn boek The Unwinding gaan de makers op zoek naar winnaars en verliezers in het snel veranderende Amerika. Acht weken lang om 20.15 uur op NPO2.

Toch zinspeelt Trump al wel op die onrust, mocht hij de verkiezingen verliezen. En Trump leidt een massabeweging.

‘Ik ben niet bang voor een volksopstand. Trumpisme is geen massabeweging. Hij is een beroemdheid die meegolft op de onvrede, maar als Trump straks verliest zullen zijn aanhangers zich beheersen. En de Republikeinen staan dan met lege handen. Er woedt bij hen geen ideeënstrijd.

‘Bij de Democraten is dat anders, daar is echt inhoudelijke strijd gevoerd. Ik denk dat de langetermijngevolgen van deze verkiezingen aan de linkerkant voelbaar zullen zijn: op het gebied van lonen, van gezondheidszorg, op het gebied van regulering van Wall Street.

‘Maar voor echte verandering hoef je op Washington niet meer te rekenen. Natuurlijk zijn verkiezingen belangrijk, maar laten we het niet overdrijven. Washington is geen agent of change meer, zoals Silicon Valley dat ook niet meer is. Silicon Valley is als Wall Street geworden. Mensen maken een quick buck op de snelste manier, maar ze vinden zelden meer iets echt revolutionairs uit. Dat zijn niet de plekken waar ik aanmoediging zoek.

‘Hoop put ik uit de individuen die ik in mijn boek beschrijf, de mensen die het tegen het systeem opnemen. Als ik aan Washington denk, raak ik depressief.’

Bron: de Volkskrant.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.