‘De burger is de polarisatie spuugzat’

Gerenommeerde instituties lijden onder de aanvallen van argwanende burgers en politici. Cijfers worden betwist, adviezen afgedaan als onbetrouwbaar. Hoe houden ze zich staande? Vandaag Wim van de Donk, commissaris van de Koning in Noord-Brabant en aankomend rector magnificus in Tilburg. ‘We hebben de kerntaken van de staat niet de aandacht gegeven die ze verdienen.’

Wim van de Donk: 'Burger zijn is ook een ambt. Ik vind dat we teveel een cultuur hebben geschapen van consumentisme.'
Wim van de Donk: ‘Burger zijn is ook een ambt. Ik vind dat we teveel een cultuur hebben geschapen van consumentisme.’Foto: Ruben Hamelink voor Het Financieele Dagblad

In het kort

Burgers begrijpen politiek theater, maar vragen om oplossingen, zegt Wim van de Donk.

Er moet voor politici een premie zijn voor bedachtzaamheid, en niet voor schreeuwen.

Maar de burger mag zichzelf ook in de spiegel aankijken.

Boze boeren, een moeizame coalitievorming, problemen met drugscriminaliteit: bestuurders in Noord-Brabant staan, eufemistisch gesteld, voor uitdagingen. Commissaris van de Koning Wim van de Donk (57, CDA) put inspiratie uit carnaval. Burgers uit alle lagen van de samenleving doen hun best om samen te werken teneinde feest te kunnen vieren.

Maar hij maakt zich ook zorgen. ‘Ons denken is te lang gevoed door wat oud-minister van justitie Ernst Hirsch Ballin ooit een halfzijdig verlamd mensbeeld noemde: alsof het in de maatschappij alleen om het “ik” gaat.’

Dat de discussie over deelname van Forum voor Democratie aan het college van Gedeputeerde Staten zo heftig verloopt, is dat een teken dat de polarisatie in de samenleving ook provinciaal doordringt? ‘Als commissaris ga ik niets zeggen over de formatiebesprekingen. Dat is aan de partijen. Er is heel veel polarisatie, en de vraag is of de burger die eigenlijk niet spuugzat is. Die vraagt om waar dit land altijd groot en sterk in is geweest: proberen met reële oplossingen voor reële problemen te komen. Dat is ons polderend vermogen genoemd, en dat kent een lange traditie.’

‘Het lijkt er soms op dat we die kracht een beetje aan het verliezen zijn. De waarde van echt naar elkaar luisteren, niet meteen uit de heup schieten of via Twitter reageren maar écht overleggen.’

En is de burger het spuugzat?

‘In al mijn gesprekken als commissaris van de Koning hoor ik dat mensen wel snappen dat politiek een beetje theater moet zijn. Dat een politicus af en toe een hyperbool moet hanteren om aandacht te vragen. Maar als de hyperbool het normaal is, dan zien mensen dat dat tot niets meer leidt, behalve tot het dieper ingraven in posities en standpunten.’

Ze zien ook dat bestuurders soms onbetrouwbaar zijn. Neem de manier waarop het kabinet is omgegaan met de verhuizing van de marinekazerne naar Vlissingen.

‘Mijn altijd keurige Zeeuwse collega Han Polman was in het tv-programma Buitenhof ongekend fel over de gang van zaken met die kazerne. Nou, als Han Polman boos is, moet Nederland oppassen. Vertrouwen in bestuurlijke relaties is zeer fundamenteel. En wat zo mooi is aan vertrouwen: als je het gebruikt, groeit het alleen maar.’

‘De meeste mensen zijn van goede wil. Ze willen een fatsoenlijk bestuur, ze willen oplossingen voor problemen. Je ziet een toenemende scherpe ongelijkheid in de maatschappij als het gaat om opleidingen, geld, regio’s, kansen. Als die vouwlijntjes allemaal over elkaar komen te liggen, dan is een vouw al snel een scheur.’

‘De zuilen van vroeger waren ook bubbels, maar wel met de belangrijke aantekening dat hoog- en laagopgeleid contact met elkaar had’

Maar als die burgers de polarisatie zat zijn, hoe komt het dan dat politici juist meer polariseren? Kennelijk denken ze dat dat stemmen oplevert.

‘Dat is de paradox. In een druk bezet politiek landschap lijkt het steeds meer nodig om je positie zo te articuleren dat je opvalt. Voor een deel mag politiek ook een beetje theater zijn. In deze discussie speelt ook de eeuwenoude kloof tussen politici en burgers. De laatsten vragen zich af of de bestuurder hun zorgen hoort.’

‘Vroeger had je de zuilen, nu heb je de bubbels waarin iedereen zit. Zuilen waren ook bubbels, maar wel met de belangrijke aantekening dat hoog- en laagopgeleid contact met elkaar had. Er was verbinding. En dat lijkt sociologisch onder druk te staan.’

Een factor hierin, meent Van de Donk, is digitalisering, die lijkt te leiden tot een economie waar de winnaar alles binnenhaalt – zie de opkomst van grote techbedrijven met monopolistische trekjes.

‘De e-economie is een andere dan die we kennen. Hoe vinden we daar de verbinding tussen mensen? Veel maatschappelijke instituties die daarvoor zorgden, zijn weggesloopt op grond van de illusie dat we met staat en markt alleen wel uit de voeten konden. Een groot en gevaarlijk misverstand.’

‘Ik vond het mooi dat Feike Sijbesma in Buitenhof zei dat DSM niet alleen van de aandeelhouders is, maar ook van “mijn mensen”. De afgelopen decennia zijn we dat gevoel wat kwijtgeraakt. En als we niet snel zijn, gaan we daar we een heel hoge prijs voor betalen.’

Van de Donk vreest ‘totale verweesdheid en vervreemding van mensen die we heel hard nodig hebben om de samenleving op te bouwen’.

Zijn migratie en integratie ook niet thema’s die tot maatschappelijke onrust leiden? Hebben bestuurders dat niet onderschat?

‘Uit de zeer indringende gesprekken die ik daarover met bezorgde burgers heb gevoerd, is er maar één gevoel dat ik dominant onthouden heb. Mensen zeiden dat politici uitstralen dat ze de zaak niet onder controle hadden, dat migratie bestuurders ook maar overkomt. Dat leidt tot een gevoel van onzekerheid, en verlies van geloofwaardigheid.’

Zijn politici niet te bang voor negatieve reacties uit de maatschappij? Toen D66 recent met een plan voor gecontroleerde arbeidsmigratie kwam, hadden de andere partijen het binnen enkele uren met de grond gelijk gemaakt. Terwijl tekort aan personeel wel een groot maatschappelijk probleem is.

‘Dat is een beetje de Haagse gehaktmolen. Er komen natuurlijk voortdurend plannen, en elke keer vinden mensen er direct wat van. Met dat mechanisme, over welk onderwerp dan ook, gaan we het niet redden met elkaar.’

‘Je ziet het ook bij de discussie over de veestapel. Ik noem de verduurzaming van ons landbouw- en voedselsysteem een soort beleidsgletsjer die al decennia stroomt. Af en toe is er wat meer geraas en gedonder, en dan gaat het weer verder in de richting van een verduurzamingsopdracht die we al heel lang hebben. Maar het is blijkbaar moeilijk om langetermijnbeleid te maken en de beleidscycli af te stemmen op investeringscycli van de veehouderij.’

‘Schikken en plooien is heel moeilijk als schreeuwen een premie oplevert. Er zou juist een premie voor bedachtzaamheid moeten zijn’

‘In de automobielsector hebben we zo’n kwestie ook gehad. Daar hebben we de APK ingevoerd. Daar hebben we een modernisering van de sector gezien. Als je een maatschappelijke opdracht hebt die zo’n bedrijfstak raakt, dan vraagt dat om prudentie, om schikken en plooien. Maar dat is heel moeilijk als schreeuwen een premie oplevert. Er zou juist een premie voor bedachtzaamheid moeten zijn.’

‘Ik was laatst bij een debat met Brabantse familiebedrijven. Die dragen uit dat ze het bedrijf te leen hebben van de volgende generatie. Dat het bedrijf ook bestaat uit hun werknemers. Als ik met Wim van de Leegte in de VDL-fabriek in Born loop, kent iedereen hem. Hij is de pater familias. Willem is een waarheidsgetrouwe kopie van zijn vader. De Van de Leegtes zijn voortdurend in verbinding met hun mensen. Dat gevoel in de samenleving is er dus nog wel, maar het staat onder druk door de polarisatie die over ons heen golft.’

De schaduwzijde van Noord-Brabant is de drugseconomie. Zijn we de strijd daartegen aan het verliezen?

‘Het is opletten geblazen. Alles wat geldt voor de formele Brabantse economie – netwerken van vertrouwen, innovatief gedrag, internationaliserend ondernemerschap – geldt ook voor het minder fraaie deel van onze economie. En wij blijken deel uit te maken van een mondiaal systeem met zeer geraffineerd, strategisch management van bendes uit Colombia en Mexico.’

‘Dat is een zwaar gevecht. Ik moet constateren dat het vestigingsklimaat voor die lui nog steeds te positief is. Onze straffen zijn te laag, al zijn ze gestegen. De vraag blijft relevant of we voldoende zijn toegerust om een paar stevige stappen te zetten.’

‘We hebben de kerntaken van de staat niet de aandacht gegeven die ze verdienen, in termen van capaciteit voor bijvoorbeeld opsporingsdiensten en justitie, en in het recht via de hoognodige modernisering van het Wetboek van Strafvordering, opdat het meer rekening houdt met de bitcoinwerkelijkheid van de moderne crimineel. Dat moet de komende kabinetsperiode anders.’

‘Er zijn veel perverse effecten in de manier van bekostigen van rechtszaken. Rechtbanken krijgen per zaak financiering. Soms zou het voegen van enkele zaken voor de betrokkenen verstandig zijn, maar dan ben je als rechtbank wel erg dom, want je krijgt maar één keer het tarief.’

‘We hebben de publieke dienst neergezet alsof het bedrijfsachtige organisaties zijn. Dat zijn het voor bepaalde aspecten wel, maar op andere terreinen zie ik dat politiemensen en officieren van justitie die van hun werk houden en hard werken, gevangen zitten in een systeemlogica. En die helpt niet om het werk optimaal te doen.’

Het valt op dat de criminaliteit de economie niet lijkt te deren.

‘Ja. Maar we hebben hier ook enorme mestfraude gehad. En ik sprak veel ondernemers die met tranen in de ogen vertelden dat ze zich aan de regels proberen te houden en de kost proberen te verdienen, maar dat er lui zijn die het systeem misbruiken. En dat die ongestraft hun gang konden gaan en er telkens weer mee wegkwamen.’

‘Het vestigingsklimaat voor drugscriminelen is nog steeds te positief. Onze straffen zijn te laag, al zijn ze gestegen’

Uiteindelijk doet u het voor de burger. Maar die blijkt ook vaak weg te kijken.

‘Daar mogen we hem ook op aanspreken. In Tilburg zijn bij Oud en Nieuw tweehonderd prullenbakken opgeblazen, schade anderhalve ton. Wij mogen burgers spiegels voorhouden: hoe voeden jullie je kinderen op? Wij mogen dan als bestuurders een ambt bekleden, andere burgers hebben net zo goed verantwoordelijkheden. Burger zijn is ook een ambt. Ik vind dat we teveel een cultuur hebben geschapen van consumentisme, waarin de staat het wel voor je regelt of je het op de markt koopt. Na jaren van etatisme en marktwerking kunnen we de komende jaren wel wat meer gemeenschapswerking gebruiken.’

Bent u optimistisch dat we dat kunnen veranderen?

‘Het zal moeten. Ik heb uiteindelijk vertrouwen in mensen. Maar we moeten concreet vragen wat burgers doen, wat hún bijdrage is aan de samenleving. Daar zijn trouwens mooie voorbeelden van. Recent was er in Tilburg zo’n jongen van een jaar of tien die om een bootje vroeg om afval uit het kanaal te halen waar hij elke zomer in zwemt.’

Dus de burger moet niet alleen voor zijn rechten vooraan staan, maar ook voor zijn plichten.

‘Ja, waarbij ik plicht uitdruk als: hoe uit je je betrokkenheid? Heb je daar voldoende ruimte voor? Laatste zei een vakbond dat het klaar moest zijn met vrijwilligers op de buurtbus, en er is een debat of vrijwilligers bij de brandweer geen werknemers moeten zijn. Waar zijn we dan mee bezig? Het gaat om mensen die uit zichzelf iets extra’s willen doen voor de samenleving.’

Serie

Dit is het vierde deel in de serie Heilige Huisjes, over instituties die vroeger boven kritiek verheven leken te zijn, maar nu steeds meer doelwit zijn. Eerder verschenen: Kees Sterk, voorzitter van het Europese Netwerk van Raden voor de RechtspraakHans Brug, directeur-generaal van het RIVM en Gerard van der Steenhoven, hoofddirecteur van het KNMI.

Bron: FD.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.